A-Z indexsite

Klimaatverandering

Klimaatverandering is dé uitdaging van onze tijd. We bevinden ons op een keerpunt in de geschiedenis. De gevolgen van klimaatverandering hebben een effect op de hele wereld: van veranderende weersomstandigheden, die invloed hebben op de landbouw- en voedselproductie, tot de stijging van de zeespiegel, die het risico op overstromingen doet toenemen. Zonder onmiddellijke actie zal het veel moeilijker en duurder zijn om ons aan te passen aan de toekomstige gevolgen van klimaatverandering.

De uitstoot van broeikasgassen als gevolg van menselijke activiteit

Photo of windmills Het broeikaseffect is een natuurlijk fenomeen dat van cruciaal belang is voor de mens, fauna en flora. Het zorgt ervoor dat een deel van de weerkaatsing van zonnestralen op aarde bewaard blijft in een gaslaag die zich in de onderste laag van de dampkring bevindt, waardoor de infraroodstralen niet naar de ruimte worden teruggekaatst. Na meer dan anderhalve eeuw van industrialisatie, ontbossing en grootschalige landbouw, zijn de broeikasgasniveaus in de atmosfeer echter hoger dan in drie miljoen jaar het geval is geweest. Naarmate de bevolking en de economie groeien en de levensstandaard verbetert, neemt ook het totale niveau van de uitstoot van broeikasgas (bkg) toe.

 

Enkele wetenschappelijke feiten

  • De concentratie van broeikasgassen in de atmosfeer is direct gerelateerd aan de gemiddelde temperatuur op aarde.
  • De concentratie van broeikasgassen is sinds de industriële revolutie voortdurend toegenomen, evenals de gemiddelde temperatuur op aarde.
  • Koolstofdioxide (CO₂), dat twee derde van alle broeikasgassen uitmaakt, is het meest voorkomende broeikasgas. Het wordt grotendeels geproduceerd door de verbranding van fossiele brandstoffen.

De Intergouvernementele Werkgroep inzake Klimaatverandering (IPCC)

De Intergouvernementele Werkgroep inzake Klimaatverandering (IPCC) is in 1988 opgericht door de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) en het VN-Milieuprogramma. Het IPCC moet een gedetailleerde stand van zaken geven van de wetenschappelijke, technische en socio-economische kennis over klimaatverandering, de oorzaken ervan, de mogelijke gevolgen en strategieën om hiermee om te gaan.

In 2013 heeft het IPCC meer inzicht verschaft in de rol van menselijke activiteiten in de klimaatverandering in zijn vijfde evaluatierapport. De conclusie van dat rapport is duidelijk: klimaatverandering is reëel en menselijke activiteiten zijn hier de belangrijkste oorzaak van.

Het vijfde evaluatierapport

Icebergs, Iceland Het rapport bevestigt dat de opwarming van het klimaatsysteem overduidelijk is en dat veel van de waargenomen veranderingen uitzonderlijk zijn voor de afgelopen decennia, zo niet millennia. Voorbeelden van deze veranderingen zijn de opwarming van de atmosfeer en de oceanen, vermindering van de sneeuw- en ijsbedekking, stijging van de zeespiegel en toename van de concentraties broeikasgassen. Het rapport maakt ook een schatting van de cumulatieve uitstoot van CO₂ sinds het pre-industriële tijdperk en stelt een CO₂-budget ter beschikking voor toekomstige uitstoot, met als doel de opwarming tot minder dan 2°C te beperken.

Resultaten uit het IPCC-rapport:

  • Tussen 1880 en 2012 is de gemiddelde temperatuur op aarde met 0,85°C gestegen.
  • Door de opwarming van de oceanen is de stijging van de zeespiegel een onbetwistbaar fenomeen. De cryosfeer, die bestaat uit alle delen van het aardoppervlak waar water voorkomt in een vaste staat (ijs en sneeuw), krimpt voortdurend. In de periode van 1901 tot 2010 is de zeespiegel gemiddeld 19 centimeter gestegen. De gemiddelde jaarlijkse omvang van het zee-ijs in het noordpoolgebied is in de periode van 1979 tot 2012 gedaald met een percentage dat hoogstwaarschijnlijk tussen 3,5 en 4,1% per decennium ligt.
  • Gezien de huidige concentraties en de huidige uitstoot van broeikasgassen is het waarschijnlijk dat tegen het einde van deze eeuw de gemiddelde temperatuur op aarde het pre-industriële niveau zal blijven overschrijden. De wereldzeeën zullen opwarmen en het ijs zal blijven smelten. De gemiddelde zeespiegelstijging wordt geschat op 24 tot 30 cm in 2065 en 40 tot 63 cm in 2100, ten opzichte van de referentieperiode van 1986 tot 2005. De meeste gevolgen van de klimaatverandering zullen nog vele eeuwen merkbaar zijn, zelfs als de uitstoot een halt wordt toegeroepen.

Het is alarmerend om vast te moeten stellen dat belangrijke breekpunten, die leiden tot onomkeerbare veranderingen in de grote ecosystemen en het wereldwijde klimaatsysteem, mogelijk al zijn bereikt of overschreden. Zeer diverse ecosystemen, zoals het Amazonegebied of de Arctische toendra, kunnen dramatische veranderingen ondergaan als gevolg van opwarming en droogte. Het is alarmerend dat gletsjers smelten, want dat zal niet alleen gevolgen hebben voor de watervoorziening in de droogste maanden, maar ook toekomstige generaties treffen.

Opwarming van de aarde met 1,5°C

2018 IPCC report image

In oktober 2018 publiceerde het IPCC een speciaal rapport over de gevolgen van de opwarming van de aarde met 1,5°C. Daarin werd vastgesteld dat snelle, ingrijpende en nooit geziene aanpassingen op veel vlakken van de samenleving nodig zijn om de opwarming van de aarde tot 1,5°C te beperken. Die inspanningen om de opwarming van de aarde tot 1,5°C in plaats van 2°C te beperken gaan gepaard met duidelijke voordelen voor mensen en natuurlijke ecosystemen en een duurzamere en rechtvaardigere samenleving. Hoewel eerdere voorspellingen gericht waren op het inschatten van de gevolgen van een stijging van de gemiddelde temperatuur met 2°C, toont dit rapport aan dat veel van de negatieve gevolgen van de klimaatverandering al plaatsvinden bij een stijging met 1,5°C.

In het rapport wordt ingegaan op een aantal gevolgen van de klimaatverandering die vermeden kunnen worden als de opwarming beperkt blijft tot 1,5°C in plaats van 2°C of meer. We zouden tegen 2100 10 cm winnen op de wereldwijde zeespiegel. Bij een opwarming van 1,5°C zouden 70 tot 90% van de koraalriffen verdwijnen, terwijl deze bij een opwarming van 2°C bijna volledig (>99%) verdwijnen.

In het rapport wordt gesteld dat, om de opwarming van de aarde tot 1,5°C te beperken, een “snelle en vergaande” omschakeling vereist is op het gebied van ruimtelijke ordening, energie, industrie, bebouwing, vervoer en stedenbouw. De wereldwijde netto-uitstoot van door de mens veroorzaakte koolstofdioxide (CO₂) zou tussen nu en 2030 naar verwachting met ongeveer 45% afnemen ten opzichte van het niveau van 2010 en rond 2050 zou een “nulbalans” van de uitstoot moeten worden bereikt, wat betekent dat de resterende uitstoot zou moeten worden gecompenseerd door het terugdringen van CO₂ uit de atmosfeer.

Rechtsinstrumenten van de VN

Het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering (UNFCCC)

Klimaatverandering is een complexe kwestie, die weliswaar van ecologische aard is, maar ook gevolgen heeft voor talrijke vraagstukken op wereldniveau, zoals armoede, economische ontwikkeling, bevolkingsgroei, duurzame ontwikkeling en beheer van de natuurlijke rijkdommen. Het antwoord op klimaatverandering begint bij een vermindering van CO2 uitstoot. In 1992 zijn veel landen toegetreden tot het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering, (United Nations Framework Convention on Climate Change, UNFCCC) een internationaal klimaatverdrag om te onderzoeken wat hoe we de opwarming van de aarde kunnen beperken en temperatuurstijgingen bestrijden. Met 197 partijen is het klimaatverdrag vrijwel overal in de wereld van kracht.

Het Kyoto-protocol

Toen regeringen het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering (UNFCCC) goedkeurden, wisten ze dat hun doelstellingen niet zouden volstaan om klimaatverandering serieus aan te pakken. Daarom begonnen de deelnemende landen in 1995 een reeks onderhandelingen om een akkoord te bereiken over strengere en meer gedetailleerde doelstellingen voor de geïndustrialiseerde landen. Dit besluit staat bekend als het mandaat van Berlijn. Na tweeëneenhalf jaar intensieve onderhandelingen werd op 11 december 1997 het Kyoyo-protocol in Japan goedgekeurd. Dat stelt een limiet aan de totale uitstoot van broeikasgassen voor de grootste economieën ter wereld. De eerste verbintenisperiode liep van 2008 tot 2012. De tweede verbintenisperiode begon op 1 januari 2013 en loopt tot 2020. Het protocol telt vandaag de dag 192 deelnemende landen.

Overeenkomst van Parijs

Logo COP21 De overeenkomst van Parijs is het gevolg van de onderhandelingen tijdens de Klimaatconferentie van Parijs (COP21) van het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering. De overeenkomst werd op 22 april 2016 door 175 landen ondertekend op het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in New York. Vandaag hebben 184 landen de overeenkomst ondertekend.

In het kader van deze overeenkomst beloofden de partijen ambitieuze maatregelen te nemen om de wereldwijde temperatuurstijging tegen het einde van de eeuw onder de 2°C te houden.

Deze overeenkomst is ambitieus, flexibel en universeel, en geldt voor alle landen en emissies. Daarnaast is de overeenkomst ook bedoeld voor de lange termijn. Het is een historische overeenkomst die de internationale samenwerking in de strijd tegen de klimaatverandering consolideert en de weg wijst naar de toekomst.

Klimaattop van 2019

Op 23 september 2019 riep VN-Secretaris-Generaal António Guterres een klimaattop bijeen om leiders van regeringen, de privésector en maatschappelijke organisaties van de hele wereld bijeen te brengen, met als doel het multilaterale proces te ondersteunen en klimaatmaatacties en -ambities te vergroten en te versnellen. De top richtte zich op belangrijke sectoren waar acties het grootste verschil kunnen maken, zoals de zware industrie, ecologische oplossingen, steden, energie, veerkracht en klimaatfinanciering. Wereldleiders rapporteerden huidige acties en welke acties ze verder konden ondernemen voor de 2020 VN-klimaatconferentie. Tijdens die top worden de doelstellingen herzien en kunnen ze worden uitgebreid.

Aan het einde van de klimaattop van 2019 zei de VN-Secretaris-Generaal: “U heeft onze strijd nieuw leven ingeblazen, de samenwerking versterkt en ongekende ambities getoond. Maar er staat ons nog heel wat te doen. We moeten meer concrete projecten ontwikkelen en ervoor zorgen dat meer landen en bedrijven hun inzet vergroten. Het is essentieel dat alle financiële instellingen, zowel publieke als private orgnanisaties, definitief kiezen voor een groene economie.”

VN-Klimaatconferentie (COP26)

COP26 logo

De volgende VN-Klimaatconferentie (COP26) is gepland op 1-12 november 2021 in Glasgow. Het Verenigd Koninkrijk zal het voorzitterschap van COP26 op zich nemen, in samenwerking met Italië. 30.000 afgevaardigden, onder wie staatshoofden, klimaatdeskundigen en campagnevoerders, komen er bijeen om overeenstemming te bereiken over gecoördineerde actie tegen klimaatverandering.

Tijdens COP26 krijgen overheden, het maatschappelijk middenveld, steden en de internationale wetenschappelijke gemeenschap de taak om de transformatie van onze economieën te versnellen, de gevolgen van klimaatverandering aan te pakken en de uitstoot van broeikasgassen wereldwijd te verminderen. Voor de eerste keer zal wereldwijd een evaluatie worden gemaakt van de vooruitgang die is geboekt sinds het Klimaatakkoord van Parijs uit 2015. De langetermijndoelstelling is om de wereldwijde gemiddelde temperatuurstijging tot ver onder 2°C sinds het pre-industriële niveau te houden en inspanningen voort te zetten om de temperatuurstijging te beperken tot 1,5°C sinds het pre-industriële niveau.

COP26 zou aanvankelijk plaatsvinden in november 2020, maar werd uitgesteld vanwege COVID-19.